Direct naar de inhoudDirect naar het hoofdmenuDirect naar het zoekveld

De overheidsroute

Uw innovatie leidt tot nieuwe zorg die nog niet wordt aangeboden of vergoed. Bijvoorbeeld omdat de aard of de werking van de zorg verandert of omdat er zorg kan worden geboden die voorheen niet mogelijk was. Om uw innovatie succesvol in de markt te kunnen zetten is het van belang dat uw innovatie een plek heeft binnen de financiering en bekostiging van de gezondheidszorg.

Voor uw innovatie kan nog niet betaald worden totdat omschreven is wat er precies voor de patiënt gedaan wordt. Daarnaast zal er ook een prijskaartje aan gehangen moeten worden. Hiervoor kunt u aankloppen bij de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa).

De NZa houdt toezicht op de zorgmarkt. Ze doet dit onder andere door het opstellen van zorgprestaties en het bepalen van tarieven. Pas als een innovatie voldoet aan de voorwaarden van een prestatie dan mag de betreffende zorg met een tarief worden aangeboden aan patiënten en in rekening worden gebracht bij de zorgverzekeraar.

Tip

Wilt u meer weten over zorgprestaties? Kijk voor een voorbeeld naar het filmpje over DBC’s, zorgprestaties in de ziekenhuiszorg op Vemeo.

Het verkrijgen van een zorgprestatie en een tarief betekent dat de zorg verhandeld mag worden. Dit betekent nog niet dat de zorg automatisch vergoed wordt door alle zorgverzekeraars. Hiervoor moet de zorg opgenomen zijn in het basispakket en daar gaat het Zorginstituut Nederland over. Het Zorginstituut beheert het basispakket van verzekerde zorg. Het adviseert over de samenstelling van het basispakket en verduidelijkt welke zorg tot dit pakket behoort. Het Zorginstituut volgt de principes van ‘evidence based medicine’ bij de beoordeling welke zorg zou moeten worden toegelaten tot het basispakket (en dus vergoed moet worden door de zorgverzekeraars). Klik hier voor meer informatie.

Tip

Zorgprestaties zijn vaak ruim geformuleerd waardoor de bekostiging van innovaties meestal onderdeel is van de onderhandelingen tussen zorgaanbieders en zorgverzekeraars. De meeste innovaties passen dan ook binnen de bestaande bekostiging en financiering van de zorg.  Onderzoek voor uw innovatie of deze binnen een zorgprestatie past en/of verzekerde zorg is. Het loket van Zorgvoorinnoveren (link naar contactgegevens of antwoordformulier Zvi) kan u hierbij helpen. Heeft u een innovatie op het gebied van e-health, kijk dan eerst hier.

Opgenomen worden in het basispakket is een lang en kostbaar traject. Voor sommige innovaties is het mogelijk om sneller in het pakket te komen. De ‘voorwaardelijke toelating’ van het Zorginstituut biedt kansen voor innovaties die op dit moment niet vallen binnen de zorgverzekeringswet maar die daar – mits effectief – mogelijk onder kunnen worden geschaard. Via het instrument van de voorwaardelijke toelating wordt de innovatie tijdelijk en op voorwaarden toegelaten tot het pakket en kan hier onderzoek naar worden verricht.

Let wel: ook het verkrijgen een voorwaardelijke toelating kost tijd.  

Dit soort vormen van zorginnovatie worden meestal ontwikkeld door medisch specialisten in samenwerking met bedrijven en onderzoekers. Draagvlak onder zorgverleners en beroepsverenigingen is cruciaal; zij vormen zich een oordeel over de vraag of de nieuwe zorg veilig en verantwoord is en tot het geboden arsenaal van de beroepsgroep zou moeten behoren.

De ontwikkeling en evaluatie van dit soort toepassingen is over het algemeen een complex, langdurig en kostbaar traject. Onderzoeksbudget en de hulp van experts is noodzakelijk om tijdens deze periode tot een wetenschappelijk correcte evaluatie te komen (bijvoorbeeld door middel van klinisch onderzoekzoals een RCT). Kijk hier (link naar hoofstuk Onderzoek en ontwikkeling) voor meer informatie over subsidiemogelijkheden voor onderzoek en ontwikkeling. 

Tips

  • Het Zorginstituut zal pas na jaren van investeringen en onderzoek besluiten of uw  innovatie wel of niet structureel opgenomen wordt in het basispakket. Informeer dus goed naar alle mogelijkheden en kansen voordat u deze route gaat bewandelen.
  • Heeft u een Medisch Specialistische innovatie? Kijk dan hier voor de leidraad nieuwe interventies in de klinische praktijk.

Olivier Overveen heeft in nauwe samenwerking met Nederlandse medisch specialisten een innovatief medisch implantaat voor de rug ontwikkeld. Zorgverzekeraars en patiëntenbelangenorganisaties staan in beginsel positief ten opzichte van deze innovatie en ook de eerste testresultaten waren gunstig. In samenwerking met een ziekenhuis en een zorgverzekeraar besluit Olivier om een onderzoeksproject op te zetten. Doelstelling van het project is om de kosteneffectiviteit van de innovatie aan te tonen. 

Aangezien voor de zorgverlening voor het plaatsen van het implantaat nog geen zorgprestatie is opgesteld, neemt Olivier contact op met de NZa en dient een aanvraag in voor een experiment conform de beleidsregel 'Innovatie ten behoeve van nieuwe zorgprestaties'.

Deze beleidsregel maakt het mogelijk om maximaal drie jaar kleinschalig te experimenteren met zorg die onder de Zorgverzekeringswet (Zvw) of Wet langdurige zorg (Wlz) valt.

Door gebruik te maken van de beleidsregel kan de zorgverlener de zorgverlening inclusief het implantaat  declareren bij de zorgverzekeraar waarmee hierover afspraken zijn gemaakt. In het kader van de financiering van zijn wetenschappelijk onderzoeksproject  gaat Olivier in gesprek  met de contactpersoon van het programma Doelmatigheid van ZonMw. Naar aanleiding hiervan besluit hij om een projectaanvraag in te dienen. 

Olivier doet verder navraag bij Zorg voor innoveren. Daar kunnen ze hem informeren wat hij in zijn onderzoeksresultaten moet aantonen om na het experiment in het basispakket opgenomen te kunnen worden. De informatie die hij van het Zorginstituut krijgt verwerkt hij in de aanvraag bij ZonMw.

Als de aanvragen bij zowel de NZa als bij ZonMW gehonoreerd blijken te zijn, kan Olivier beginnen met het project in het ziekenhuis. Het wordt een lang traject, maar het feit dat hij weet wat de vervolgstappen zijn en hoeveel deze ongeveer gaan kosten maakt dat hij zich volledig kan richten op het implementeren van zijn innovatie.