Kennisbank

Tips en tools uit de praktijk

Op deze pagina vind je een overzicht van tips en tools uit de praktijk. 

Waarom onderzoek doen?

Wees je ervan bewust: wat plausibel is hoeft nog niet waar te zijn! Zorg dat je zeker weet – dus bewijs hebt – dat alles wat je zegt en beweert ook klopt en goed onderbouwd is. Je krijgt vaak maar één kans in de vele gesprekken die jij al zorgvernieuwer voert met de belanghebbende partijen als zorgverleners, patiëntenverenigingen en zorgverzekeraars. Heb jij niet de juiste onderbouwing, dan prikt degene bij wie je aan tafel zit daar snel doorheen en heb jij je kans gemist. Wees je eigen advocaat van de duivel.

Wil je jouw innovatie goed laten landen in de zorgpraktijk, dan is het cruciaal om helderheid te hebben over de werking en de gevolgen van de innovatie in het zorgpraktijk. Dit betekent dat je duidelijk moet hebben welk effect de innovatie op de zorgpraktijk heeft voor alle partijen, dus voor alle stakeholders.

Ook moet je alle consequenties van de innovatie in kaart brengen. Denk hierbij aan de aspecten als de kwaliteit van de zorg, de efficiency en veranderende processen in de zorg, de continuïteit en de service van jouw innovatie naar de zorgprofessionals en de cliënten toe. Er moet een volledig beeld zijn van de consequenties (denk hierbij ook aan de risico’s) die het gebruik van jouw innovatie (ook op technisch gebied) met zich meebrengt in de zorgpraktijk.

Hoe onderzoek je nu de werking en de gevolgen van je innovatie in de praktijk? In deel 2 van deze kennisbank Onderzoek vind je handvaten om goed onderzoek in de zorgpraktijk te (laten) doen.

Ondanks dat je al het goede doet in de voorbereiding om te bewijzen dat jouw innovatie alles oplevert wat jij beweert, kan het zijn dat dit niet voldoende is om jouw innovatie succesvol te laten landen in de zorgpraktijk.

Een goed voorbeeld hiervan is een elektronisch pillendoosje, ontwikkeld om mensen met epilepsie te ondersteunen in hun therapietrouw. De zorgvernieuwer heeft in een gedegen wetenschappelijke studie, een clinical trial, aangetoond dat zijn innovatie de therapietrouw daadwerkelijk verbetert. Ook heeft hij op basis van wetenschappelijke literatuurstudie door een vooraanstaand instituut laten berekenen wat dankzij deze verbeterde therapietrouw de gezondheidswinst zou zijn. Een zorgverzekeraar die betrokken was bij de ontwikkeling van zijn innovatie heeft vervolgens ook berekend welke kostenbesparing deze gezondheidswinst oplevert.

Allemaal geheel volgens het boekje, zou je zeggen. En ondanks dat de zorgvernieuwer alles uitstekend onderbouwd heeft, heeft de zorgverzekeraar toch besloten om deze innovatie niet te financieren. De reden? De winst die de innovatie voor de zorgverzekeraar oplevert is een besparing van zorgkosten op de langere termijn. En dus is deze winst omgeven door vele onzekerheden, een risico dat de zorgverzekeraar op dat moment niet wilde nemen.

De innovatie van deze zorgvernieuwer is helaas nog steeds niet in de praktijk geïmplementeerd. Niet doordat het bewijs onvoldoende was, maar omdat er vaak andere redenen zijn voor een partij om de innovatie toch niet te adopteren. En dat zijn vaak redenen die jij als zorgvernieuwer niet kunt beïnvloeden.

Welk onderzoek doen?

Denk goed na over de bewijslast die nodig is om je stakeholders te overtuigen. Doe hierin geen aannames op basis van reeds gedane onderzoeken maar verifieer bij je stakeholders welk onderzoek en welke resultaten hen zullen kunnen overtuigen. Doe je dit niet, dan loop je de kans dat je onderzoek niet voldoende overtuigingskracht heeft.

Voorbeeld

De zorginnovatie Effectieve Cardio is bedoeld voor patiënten met chronisch hartfalen. In overleg met de behandelend cardioloog wordt de patiënt thuis uitgerust met een digitale, op afstand afleesbare weegschaal, een bloeddrukmeter en hartritme monitor. De metingen worden automatisch naar de cardioloog gestuurd. In plaats van de gangbare 3-maandelijkse controle weet de cardiologie verpleegkundige nu van dag tot dat hoe het de patiënt vergaat.

In een grootschalige, meerjarige studie werden de effecten van Effectieve Cardio gemeten. Het onderzoek leverde buitengewoon goede resultaten op: patiënten en zorgprofessionals waren tevreden en er werd een grote kostenbesparing gerealiseerd.

Hoewel het bewijs via een zeer degelijk opgezet en goed uitgevoerde praktijk studie werd verkregen, werd het in eerste instantie ter discussie gesteld binnen de beroepsvereniging voor cardiologen. Het bewijs was namelijk niet volgens de gangbare onderzoeksmethode, de Randomized Controlled Trial (RCT) verkregen.

Na vele complexe en tijdrovende discussies werden uiteindelijk alle partijen – mede door de voortrekkersrol van de voorzitter van de beroepsvereniging – wel overtuigd van de meerwaarde van de innovatie. Om dit te voorkomen had de zorgvernieuwer van Effectieve Cardio eerder met de beroepsvereniging in gesprek moeten gaan over een onderzoeksopzet die direct overtuigend bewijs had kunnen leveren. Een tweede belangrijke les is dat het belangrijk kan zijn om een invloedrijke ambassadeur voor je innovatie te vinden.

Krab jezelf nog eens goed achter de oren wanneer blijkt dat je grote groepen mensen – honderden -  nodig hebt om het effect van je innovatie betrouwbaar aan te tonen. Het effect van je innovatie is dan wellicht te klein om interessant te zijn voor de partij die je zorginnovatie in de praktijk moet gaan betalen.  

Voorbeeld

Deze tip komt van een zorgverzekeraar die destijds betrokken was bij het onderzoek naar het elektronisch pillendoosje (zie ook tip 3 op de algemene kennisbankpagina over onderzoek). Bij deze zorginnovatie was na een kleinschalig onderzoek wel een effect gevonden, maar dit effect kon nog niet met hoge betrouwbaarheid worden aangetoond. Toen de zorgvernieuwer voorstelde om het onderzoek vervolgens grootschalig op te zetten reageerde de medisch adviseur van de betrokken zorgverzekeraar als volgt: als je een grote groep mensen nodig hebt om het effect van je innovatie betrouwbaar (statistisch significant) aan te tonen, dan heb je waarschijnlijk te maken met een klein effect - een effect dat wellicht te klein is om in de praktijk echt van geldelijke waarde te zijn. Besef dus goed dat zorgprofessionals en andere stakeholders zoals zorgverzekeraars  niet alleen geïnteresseerd zijn in de betrouwbaarheid waarmee je het effect hebt aangetoond, maar ook in de grootte van het effect.

Door nauwkeurig te onderzoeken hoe je innovatie in de praktijk wordt gebruik, zul je erachter komen dat je bij het ontwerp en ontwikkeling van je innovatie allerlei onbewuste aannames hebt gedaan. Je merkt dit doordat je innovatie niet of anders werkt dan je had verwacht. Sta hiervoor open, want je innovatie kan alleen een succes worden als je goed inzicht hebt in de werking van je innovatie. Begrijpen waarom iets niet werkt zoals beoogd biedt je mogelijkheden om je innovatie te verbeteren en toch succesvol te kunnen implementeren.

Voorbeeld

Een jonge ondernemer met passie om mensen met dementie meer eigen regie te geven heeft een mooie sprekende klok ontwikkeld. Deze klok herinnert mensen met dementie op vooraf gestelde tijden aan afspraken of activiteiten door seintjes – gesproken berichten - te geven. De zorgvernieuwer verwacht dat mensen met dementie op deze seintjes zullen handelen en dat de klok hen zo ondersteunt in het zelfstandig blijven.

In de praktijk blijkt echter dat het geven een seintje om iets te doen in veel gevallen niet voldoende is voor mensen met dementie. Zo wordt het seintje lang niet altijd gehoord, begrepen en opgevolgd door mensen met dementie. Bovendien maakte de klok sommige mensen juist minder zelfstandig omdat zij gingen wachten op een seintje van de klok. De zorgvernieuwer had dit van tevoren heel anders ingeschat. Hij neemt het geleerde mee in de verdere ontwikkeling van zijn innovatie.

Met wie onderzoek doen?

Nog vaak wordt gedacht dat onderzoek laten doen door studenten gratis is. Dit is niet terecht. Studenten hebben gedurende het onderzoekstraject goede begeleiding nodig van een ervaren, universitair geschoolde docent en daar worden door de universiteiten en hogescholen steeds vaker kosten voor in rekening gebracht. Goede begeleiding kost geld en de kosten voor onderzoek door studenten verschillen per universiteit, per hogeschool en zelfs per opleiding.

Uiteraard is het werken met studenten voor veel zorgvernieuwers aantrekkelijk vanwege de dikwijls goede prijs/kwaliteitsverhouding. Studenten hebben vaak een open, nieuwsgierige houding, zijn gewend om out-of-the-box te denken en zijn uiteraard op de hoogte van de ontwikkelingen in hun vakgebied, iets wat het onderzoek ten goede kan komen.

Houd er wel rekening mee dat voor werken met studenten niet altijd een resultaatgarantie wordt afgegeven. Voor de studenten staat immers de leerervaring voorop en mogen er dus fouten gemaakt worden. Maak dus bij het inschakelen van studenten voor onderzoek ook goede afspraken met de studenten en de begeleidende docent over de geleverde inspanning en de resultaatgarantie en laat deze vastleggen. Dit voorkomt teleurstelling aan het einde van het traject - voor beide partijen. 

De periode waarin je onderzoek doet is een gouden kans om samen met experts te leren hoe jouw innovatie in de praktijk uitpakt.  Tijdens het onderzoek krijg je veel tussentijdse resultaten en feedback. Het kan zijn dat deze tussentijdse resultaten niet geheel liggen in de lijn zoals jij deze had uitgedacht. Veel zorgvernieuwers maken de fout om óf direct actie te ondernemen op tussentijdse resultaten en zo af te wijken van de originele visie voor hun innovatie óf de resultaten geheel ter zijde te schuiven en met oogkleppen op een blinde koers te gaan varen. Dit is jammer want afwijkende resultaten geven je juist de kans om je innovatie op verantwoorde wijze verder te ontwikkelen.

Om de informatie die je tijdens het onderzoek krijgt goed op waarde te kunnen schatten en op juiste wijze te gebruiken is het raadzaam om tijdens je onderzoek regelmatig tijd in te plannen om met de onderzoekers van gedachten te wisselen over het verloop van het onderzoek en eventuele (tussen)resultaten.  Wat valt er uit tegenslagen tijdens het onderzoek te leren? Wat kun je leren van resultaten die afwijken van je verwachtingen? En vooral, wat zou dit eventueel kunnen betekenen voor de verdere ontwikkeling van je innovatie? Op deze manier, met inbreng van weloverwogen reflectie en experts, kun je  de tussentijdse resultaten verantwoord en kritisch afwegen tegen de visie die jij met je innovatie voor ogen hebt.

Voorbeeld

Een jonge ondernemer met passie om mensen met dementie meer eigen regie te geven heeft een sprekende klok ontwikkeld. Deze klok herinnert mensen met dementie op vooraf gestelde tijden aan afspraken of activiteiten door seintjes – gesproken berichten - te geven. De zorgvernieuwer verwacht dat mensen met dementie op deze seintjes zullen handelen en dat de klok hen zo ondersteunt in het zelfstandig blijven.

Om zijn verwachtingen te verifiëren en de werking van de klok in de praktijk te laten onderzoeken heeft de zorgvernieuwer contact gezocht met een universiteit en vier hogescholen. Hij laat zijn klok onderzoeken in verschillende praktijksituaties en krijgt veel tussentijdse feedback, niet alleen over de werking van zijn innovatie maar ook over de wensen en eisen van de gebruikers in de praktijk.

Zo krijgt hij via de verschillende onderzoekers een lange lijst van gebruikerswensen binnen, variërend van de mogelijkheid om muziek te laten afspelen met de klok tot stemherkenning door de klok en van camera’s in de klok tot de mogelijkheid om de klok te laten bewegen. Het is nu voor de zorgvernieuwer de kunst om open te staan voor de wensen van de gebruikers, eventueel de beweegredenen achter deze wensen te vinden en deze vervolgens af te wegen aan zijn eigen visie voor de klok. Immers, als hij aan al deze eisen en wensen wil voldoen komt er een heel ander product uit, een die afbreuk kan doen aan de kracht van de eenvoud van het product dat hij voor ogen had. 

Een van de meest gemaakte fouten is dat de stakeholders, en met name de patiënten en de zorgverzekeraar, vaak pas in een laat stadium betrokken worden bij het onderzoek. Hiermee doe je jezelf en je innovatie tekort. Het zijn nl. vaak deze stakeholders aan wie je de bewijslast moet leveren. Ook bezitten deze stakeholders een schat van informatie betreffende onderzoek. Zo zijn patiëntenverenigingen goed op de hoogte van de specifieke situatie en behoeften van hun doelgroep en bezitten zorgverzekeraars veel relevante data betreffende het gebruik van zorg van een specifieke doelgroep. Daarnaast zijn beide partijen zeker op de hoogte van de laatste stand van onderzoek.

Op de website van Zorgkaart Nederland vind je alle patiëntenorganisaties die op dit moment bekend zijn in Nederland. Lees in het kennisbankonderwerp Patiënt Centraal verder over patiëntparticipatie.  

De zorgverzekeraars kun je afzonderlijk benaderen via hun innovatie loketten en/of zorginkoop afdelingen. Je vindt een overzicht van alle zorgverzekeraars op de website Zorgkaartnederland.nl.