Cue2Walk: op zoek naar een plek binnen de ketenaanpak valpreventie

Martijn van der Ent is een van de oprichters van Cue2Walk, dat een toepassing op de markt heeft gebracht waarmee mensen met Parkinson beter kunnen lopen. In de eerste ronde van de subsidieregeling Implementatie- en opschalingscoaching Technologie voor Valpreventie maakte Cue2Walk gebruik van een coach die hielp om de businesscase van hun aanpak scherp te krijgen. In dit interview vertelt hij hoe dat in zijn werk ging.
Herstellen van controle
Loopverstoringen bij mensen met Parkinson zijn belemmerend en leiden vaak tot vallen. Bijvoorbeeld door ‘freezing of gait’: ineens niet meer verder kunnen lopen. Ook gaan mensen soms steeds sneller met kleinere stappen lopen. Dit geeft een sterk verhoogd risico op vallen en kan ervoor zorgen dat mensen angst krijgen om te bewegen.
De SmartCue is een hulpmiddel dat dergelijke verstoringen signaleert. Het apparaatje geeft dan een ritmische pieptoon en/of een trilling. Door die waarschuwing kan de gebruiker weer bewust stappen zetten op het rimte en de controle over de beweging terugkrijgen. Mensen worden persoonlijk begeleid door gespecialiseerde therapeuten, met regelmatige contactmomenten en ondersteuning op afstand via beeldbellen in hun eigen thuissituatie. Daarnaast ontvangen zij een oefenboekje en kunnen zij gebruikmaken van ondersteunende instructievideo’s. ‘In de fysiotherapie leren we mensen hoe ze het signaal kunnen omzetten naar beweging, maar ook hoe ze de controle over het bewegen kunnen behouden. Zo krijgen ze ook weer vertrouwen in het bewegen’, vertelt Martijn. ‘Met onze coach hebben we gekeken hoe Cue2Walk een plekje kan krijgen binnen de ketenaanpak valpreventie.’
Pilot met gemeente Den Haag
Tegelijkertijd met de verkenning binnen de keten startte Cue2Walk een pilottraject met de gemeente Den Haag. Die stelde middelen beschikbaar voor een onderzoek naar de inzet van technologie in de thuissituatie. ‘Den Haag heeft een duidelijke visie op dat gebied,’ legt Martijn uit. ‘De gemeente wil zichzelf profileren als dé plek waar zorgtechnologie bij mensen thuis wordt gebracht en ingezet. We hebben bij ruim 25 mensen met Parkinson een maand lang onze interventie toegepast om te kijken of die daadwerkelijk resultaat oplevert. Dat bleek zo te zijn, maar toch blijft het voor de gemeente lastig om onze interventie breder in te zetten. Binnen de ketenaanpak heeft elke gemeente een taak om een hele grote en diverse groep mensen te helpen: thuiswonende ouderen met een verhoogd valrisico.
Onze interventie is gericht op een specifieke doelgroep: mensen met loopverstoringen door een neurologische aandoening. Wij richten ons op een specifieke subgroep en bieden geen oplossing voor de volledige doelgroep.
Tegelijkertijd ervaren we nog terughoudendheid ten opzichte van innovaties, ondanks dat onderzoek en praktijkervaring van professionals en gebruikers consistent aantonen dat deze effectief en waardevol zijn. Vaak wordt er gekozen voor klassieke valpreventie-interventies, waarvoor relatief eenvoudig budget beschikbaar is. Het gericht inzetten van persoonlijke interventies voor een specifieke doelgroep vraagt om meer aandacht en nieuwe procedures. Daar wordt nu gewoon geen tijd en budget voor vrijgemaakt’.
De rol van de coach
Als onderneming is Cue2Walk gewend om zelf zaken uit te zoeken en problemen op te lossen, met als doel mensen te kunnen helpen. ‘Begrijpen hoe iets werkt door met veel stakeholders af te stemmen en ontdekken hoe het beter kan, lukt vaak wel, maar dat kost veel tijd en energie,’ licht Martijn toe. ‘Daarom waren we erg blij met de specifieke kennis en het netwerk die de coach op dit onderwerp meebracht. Natuurlijk willen we graag onze doelen bereiken; daarom is het belangrijk om het proces gestructureerd vast te leggen. Als dat op papier staat, kunnen we het geregeld teruglezen en waar nodig bijsturen. De coach werkte als stok achter de deur en zorgde ervoor dat dingen binnen een bepaalde tijd gedaan werden. Ook hielp hij ons bij het vastleggen van afspraken en inzichten; beide schieten er makkelijk bij in als je het al superdruk hebt.’
Innovatie vraagt om een goed product, maar ook om inzicht in financiering, implementatie en samenwerking met stakeholders
Vragen aan de coach
Cue2Walk had drie vragen voor de coach: ‘Past de SmartCue in de bestaande ketenaanpak, en zo ja, waar en hoe? En hoe ziet de businesscase er dan uit voor gemeenten, het zorgdomein en het sociaal domein? Ten slotte: zijn gemeenten ook bereid het in te zetten? Met de coach hebben we een uitgebreide analyse gedaan van ons product. Waar haken we op in, hoe besparen we kosten en bij wie moeten we aankloppen bij de gemeenten?’
Na een verdere verkenning bij verschillende stakeholders in de keten, zoals huisartsen en de GGD, voerden ze gesprekken met vijf verschillende gemeenten. Die leverden duidelijkheid op, maar ook een probleem. ‘Zowel bij het inschatten van valrisico als binnen een interventie kan Cue2Walk in de keten een rol vervullen voor de doelgroep,’ zegt Martijn daarover. ‘Onze businesscase is nu goed onderbouwd en laat zien dat de return on investment voor zowel het sociaal domein als het zorgdomein heel goed is. Gemeenten geven aan dat ze een plek voor ons zien, maar er uiteindelijk níet voor willen betalen.’
Wie gaat het betalen?
Voor de vergoeding van de innovatie ziet Cue2Walk drie kandidaten: de zorgverzekering, het sociaal domein of de klant. ‘De afgelopen jaren zijn mensen met Parkinson onze betalende klanten geweest,’ verklaart Martijn. ‘Dat maakt het heel direct: de eindgebruiker betaalt en dat levert ook heel veel waardevolle feedback op. Maar ik denk dat het op de middellange termijn logisch is dat de zorgverzekering gaat betalen, want we zijn al erkend als medisch hulpmiddel dat valt in het basispakket.’
De businesscase rond Cue2Walk laat zien dat de baten voor de Nederlandse maatschappij duidelijk binnen het zorgdomein en het sociaal domein vallen. ‘Dan zou het logisch zijn dat die domeinen de kosten zouden dragen. Dit is echter complex, omdat het sociaal domein geen centrale partij kent, maar bestaat uit individuele gemeenten met eigen prioriteiten en besluitvorming. Ook het zorgdomein is versnipperd, waardoor met meerdere verzekeraars afzonderlijk gesprekken en afspraken nodig zijn.
Voorlopig vormen we zelf een mini-ketentje. We signaleren, vinden zelf patiënten en werken in ons netwerk van fysiotherapeuten, oefentherapeuten, ergotherapeuten, neurologen en huisartsen. We doen zelf de intake en bieden vervolgens een persoonlijke interventie aan op het moment dat mensen daarmee willen starten. We zien op dit moment weinig kansen bij gemeenten om een rol te krijgen in de ketenaanpak. Maar we blijven actief binnen diverse valpreventieconsortia en zoeken voortdurend naar mogelijkheden.
Het ligt echt niet aan de welwillendheid van gemeenten. Die moeten proberen te voldoen aan de opdracht van het Rijk met de beschikbare middelen. Zo heeft de gemeente Den Haag zich enorm ingespannen om ons te helpen; we hebben in een mooie samenwerking ons onderzoek uitgevoerd. Vergelijkbare trajecten lopen ook met een aantal andere gemeenten. De resultaten daarvan hebben we afgelopen najaar mogen presenteren tijdens een congres van het ministerie van VWS.’
Risico durven nemen
De zoektocht naar kansen is voor Cue2Walk niet makkelijk. Martijn signaleert dat iedereen wel innovatie binnen de ketenaanpak wil inzetten, maar niemand de financiering ervan aandurft. ‘Risico durven nemen omdat je ergens in gelooft, dat mis ik soms,’ verzucht Martijn. ‘Vaak wordt aangevoerd dat de innovatie nog niet bewezen effectief is, maar met innovatie is dat per definitie zo. Het traject om een innovatie bewezen effectief te krijgen, duurt al snel zo’n vijf jaar. Dat gat moeten we met elkaar zien te verkleinen. Ik verwacht echt niet dat een innovatietraject zomaar wordt vergoed. Maar het zou mooi zijn als partijen zich durven uit te spreken wat er concreet nodig is om dat wel te kunnen. Nog mooier zou het zijn als zorgverzekeraars en gemeenten samen met bedrijven trajecten starten om passende bewijslast op te halen voor het al dan niet werken van een interventie.
‘Ik zou graag zien dat er wordt nagedacht over een regeling of doelstelling die innovatie zo’n positie geeft dat partijen het aandurven er een visie op te ontwikkelen en die ook uit te voeren. Dat betekent dan ook dat er dingen mogen mislukken. Dat er geld wordt uitgegeven zonder dat dat direct geld oplevert, betekent niet dat het op de langere termijn geen gunstig effect kan hebben.
Het zou helpend zijn als het Rijk richting geeft door te stimuleren dat een deel van de interventies technologisch ondersteund wordt uitgevoerd. Het uitsluitend uitbreiden van de inzet van zorgprofessionals is namelijk geen duurzame oplossing, zeker in het licht van de huidige en verwachte personeelstekorten.’
Tips voor innovatoren
Volgens Martijn was de coaching een waardevol en leerzaam traject, zowel voor Cue2Walk als voor de betrokken stakeholders. Hij vat dat samen in een tip voor toekomstige aanvragers. ‘Overweeg om vroeg in het traject een coach in te schakelen. Innovatie in de zorg vraagt niet alleen om een goed product, maar ook om inzicht in financiering, implementatie en samenwerking met veel verschillende stakeholders. Een coach helpt om structuur aan te brengen, prioriteiten te bepalen en de juiste gesprekken te voeren. Daarnaast fungeert een coach als kritische sparringpartner en stok achter de deur, waardoor je sneller leert, betere keuzes maakt en de kans op succesvolle opschaling vergroot.’